13  Belangrijkste vaarregels BPR (Binnenvaart Politiereglement)

 

Klein wijkt voor groot

Grote schepen kunnen niet snel hun koers of snelheid wijzigen. Grote schepen zullen meestal het midden van het vaarwater aanhouden. Roeiboten behoren tot de kleine schepen en moeten altijd wijken voor:

•       schepen langer dan 20 meter

•       beroepsvaart, vrachtboten, veerponten, vissersschepen en rondvaartboten.

 

Houd stuurboordwal

Kleine boten, dus ook roeiboten, die duidelijk “rechts” houden, mogen hun weg vervolgen als hun pas gekruist wordt door andere kleine schepen zoals zeilboten, motorboten of andere roeiboten. Door als roeier stuurboordwal te houden

•       geef je andere kleine schepen de gelegenheid om aan bakboord (“links”) in te halen.

•       geef je ruimte aan grote schepen (klein wijkt voor groot).

•       snijd je geen bochten af. Vrachtschepen en andere roeiboten hoor je meestal niet aankomen en kunnen je onaangenaam verrassen.

 

 

Houd ook in de bocht goed stuurboordwal

 

Open water

In situaties waar geen stuurboordwal aangehouden kan worden, bijvoorbeeld op open water, gelden de volgende regels:

•       Altijd wijken voor grote schepen!

•       Roeiboten wijken voor andere roeiboten die van “rechts” komen.

•       Roeiboten wijken voor zeilboten.

•       Motorboten wijken voor roeiboten (reken er echter niet op!).

•       in een betonde vaargeul stuurboordwal houden

 

Oplopen aan bakboord

•       Ook op het water geldt “links” inhalen.

•       Houd goed stuurboordwal om de oploper de ruimte te geven.

•       Minder indien nodig vaart om het oplopen zo kort mogelijk te houden.

•       Als oploper eventueel sneller roeien om zo snel mogelijk op te lopen.

•       Op bochtig of druk vaarwater niet langdurig naast elkaar varen.

•       Een groot schip aan de veiligste kant oplopen. Dat zal meestal stuurboord zijn.

 

Tijdig en duidelijk wijken

Als je moet wijken, doe dat dan duidelijk en op tijd. Maak er geen last minute- of millimeterwerk van.

Koers en snelheid behouden

Verander niet zo maar plotseling van richting of snelheid. Laat tijdig zien wat je van plan bent!

Anderen niet hinderen

Bij manoeuvres, zoals aankomen, afvaren, laten lopen, rondmaken en oplopen, mag je andere boten niet onnodig hinderen. Grote schepen mag je sowieso nooit hinderen!

•       Wacht met afvaren tot er genoeg ruimte is op het water.

•       Ga niet stilliggen bij bruggaten of vlak bij een onoverzichtelijke bocht.

•       Kijk bij het rondmaken of oversteken eerst of je doorgaande schepen niet hindert.

 

Goed zeemanschap

Je moet al het mogelijke doen om een aanvaring te voorkomen. Dit betekent wijken als blijkt dat de ander de vaarregels niet toepast of overtreedt.

13.1  Geluidsseinen

Grote schepen gebruiken geluidsseinen voor het aankondigen van bepaalde manoeuvres of om te waarschuwen voor gevaarlijke situaties. Met de scheepshoorn kunnen stoten gegeven worden van verschillende lengte:

●        Een korte stoot van ongeveer een seconde.

▬      Een lange stoot van ongeveer vier seconden

 

●        Ik ga stuurboord uit

●●      Ik ga bakboord uit

●●●    Ik ga achteruit

●●●●  Ik kan niet manoeuvreren, u moet uitwijken

▬ ▬ ●         Ik wil oplopen aan stuurboord

▬ ▬ ●●       Ik wil oplopen aan bakboord

▬      aandachtssein

 ▬ ● ▬                           Verzoek tot brugbediening

 ●●●● ▬                         Verzoek om medische hulp

▬ ▬ ▬ ▬ ▬ ▬ (reeks)   Noodsein. Er dreigt een aanvaring!

 

13.2  Verlichting

Tussen een half uur na zonsondergang en een half uur voor zonsopgang moet een roeiboot een wit licht voeren dat tot op 1 km rondom zichtbaar is. Zonder uitdrukkelijke toestemming van het bestuur mag bij de RVA gedurende deze periode niet geroeid worden.

 

13.3  Bruggen

 

Aanwijzingstekens en lichten

65425

65426

65544

 

65511

 

65512

In-, uit- of doorvaren verboden

 

In-, uit- of doorvaren toegestaan

Aanbevolen doorvaartopening,

doorvaart uit de tegengestelde richting toegestaan

Aanbevolen doorvaartopening,

doorvaart uit de tegengestelde richting verboden

 

65439

In-, uit- of doorvaren wordt

aanstonds toegestaan



 

Vaste bruggen en vaste delen van bruggen

65625

65626

65627

Verboden doorvaartopening

Aanbevolen doorvaartopening, tegenliggende vaart mogelijk

Aanbevolen doorvaartopening, voor tegenliggende vaart verboden

 

 

Beweegbare bruggen

Het kan voorkomen dat de rode en groene lichten slechts aan ιιn zijde van de doorvaartopening (als regel stuurboordszijde) zijn geplaatst.

 

Bruggen in bedrijf

65628

65631

Doorvaart verboden

Doorvaart verboden,

wordt aanstonds toegestaan

 

 

 

 

Bruggen in bedrijf (vervolg)

65629

65630

Doorvaart gesloten brug toegestaan, tegenliggende vaart mogelijk

Doorvaart gesloten brug toegestaan,  voor tegenliggende vaart verboden

 

65632

65633

Doorvaart toegestaan

Doorvaart verboden, tenzij de doorvaartopening zo dicht is genaderd, dat stilhouden redelijkerwijs niet meer mogelijk is

 

 

Bruggen buiten bedrijf

65634

65635

65636

Doorvaart verboden

Doorvaart gesloten brug toege-gestaan, tegenliggende vaart mogelijk

Doorvaart gesloten brug toege-staan, voor tegenliggende vaart verboden

 

65637

Doorvaart toegestaan,

brug is onbewaakt

 

 

13.4  Sluizen

 

Sluis in bedrijf

Invaart of uitvaart verboden

 

Invaart verboden, wordt aanstonds toegestaan

Invaart of uitvaart toegestaan

 

 

Sluis buiten bedrijf

Invaart verboden

 

Doorvaart toegestaan, sluis aan beide zijden openstaand

 

 

Sluis met beweegbare brug (indien brug niet van aparte seingeving is voorzien)

Invaart sluis verboden, wordt aanstonds toegestaan

Invaart of uitvaart sluis en doorvaart gesloten brug toegestaan

Invaart of uitvaart sluis en doorvaart brug toegestaan

 

 

 

Ga voor uitgebreidere informatie naar:

www.varendoejesamen.nl

10 gouden tips voor roeiers

 

http://www.roei.tv/?cid=74

veilig varen

 

http://wetten.overheid.nl/zoeken

zoekterm: BPR (Binnenvaartpolitiereglement)